Comité 23
Projecten in Afrika
<

Vandaag, voornamelijk in Kenia en Ghana.

Robert Tas
Diestseweg 95 B-2440 Geel

Tel. 014/720028

Rekeningnummer: BE24 9793 2610 7638
BIC: ARSPBE22
roberttas@hotmail.com

Voor Ghana:Joke Jaspers
Oevelseweg 14 - B-2250 Olen

Tel. 0472366578

Rekeningnummer: BE35 9793 2610 7537
BIC: ARSPBE22
akwaaba.asuadei@gmail.com

Precies 25 jaar geleden vroeg men me om medewerker te worden van A.M.I.E., een vereniging die me tot dan toe vrijwel onbekend was, maar die ik gaandeweg heb leren kennen en waarderen als eerlijk en betrouwbaar. Mijn betrokkenheid bij de projecten in m.n. Kenia wordt bijzonder gekleurd door het feit dat één van mijn kinderen met zijn gezin in Kenia woont en aan de basis ligt van twee schoolprojecten in Entasekera en Emunra Olerai, beide gelegen in het district Narrok. Het basisonderwijs in Kenia is gratis. Veel kinderen willen naar school. Zelfs ouders gaan onderwijs volgen. Uitpuilende klassen en een groot tekort aan middelen en leraren is het gevolg. Nadat met steun van het college te Herentals een eerste klaslokaal werd gebouwd, werd ons financiële steun van een 8000 Euro gevraagd om een tweede lokaal te bouwen en uit te rusten. We hopen op zeer korte tijd het geld bijeen te krijgen en met de bouw te kunnen beginnen.

Comité Afrika is een nog zeer jong comité dat in 2008 de verantwoordelijkheid op zich nam voor 146 kinderen in Mukuyu (ZW-Kenia) die ondanks goede schoolresultaten dreigden uit de school gezet te worden omwille van financiële problemen thuis. Er werd een negenjarenplan opgezet, eerst voor de betaling van achterstallig schoolgeleden en –kosten, dan voor de financiering van de schoolgelden tot het einde van de schoolcyclus van al die kinderen. Begin 2010 waren alle achterstallige schoolgelden en alle schoolgelden 2010 betaald. Helaas…De directie van de Mukuyuschool bleek een duidelijke rapportering niet ernstig te nemen wat in 2012 geleid heeft tot het stopzetten van financiële hulp.

In 2008 werd ons de vraag gesteld om een waterproject in Entasekera te financieren, een klein massaaidorpje in de hooglanden van Loita, waar mijn schoondochter Angela onderzoekswerk deed. Bij gebrek aan water konden de toiletten slechts eenmaal per week gepoetst worden. Elke dag moesten de kinderen twee kilometer lopen om bij de rivier water te halen, nodig om o.a. het eten klaar te maken en zich te wassen. Niet alleen verloren de kinderen daardoor waardevolle tijd die ze anders konden gebruiken voor hun studies, bovendien was het water vaak besmet als gevolg van allerhande ziekten (o.a. maag- en darminfecties) bij de schoolkinderen. Onder kundige leiding van de Amerikaan Ray en George Lenaai en een tiental andere massaai, werd vanaf de bron op een heuvel, een 2,6 km lange pijpleiding gelegd naar de lagere school waar ook mijn twee kleinkinderen les volgden. De schoolomstandigheden veranderden zienderogen én de lokale gemeenschap werd dermate door dit project geprikkeld dat ze besloot op eigen kosten een pijpleiding naar het dorpscentrum te leggen. Een bevrijding voor vooral de vrouwen.

Toen de Keniase regering in 2003 het basisonderwijs gratis maakte, stroomden anderhalf miljoen leerlingen extra toe. Maar de scholen waren niet voorbereid op die aanwas. Klassen van rond de honderd kinderen zijn nu geen uitzondering; het ontbreekt aan voldoende docenten en lesmateriaal. Bovendien liggen voor jongste kinderen de basisscholen te ver weg zodat het feit zich opdringt om dichter bij huis een school te bouwen voor de laagste graad. Wanneer de kinderen oud genoeg zijn kunnen ze naar de bestaande basisschool in de omgeving gaan. De projectleider in Entasekera Georges Lenaai besloot daarom ook een schooltje te bouwen in Emurua Olerai. Een klaslokaal, een kantoortje en toiletten zijn al gebouwd en uitgerust o.a. met steun van het Sint Jozefscollege te Herentals. De vraag werd gesteld om financiële steun te bieden voor de bouw en uitrusting van een tweede klaslokaal.  

  Dankzij het ‘waterproject’ en dus de aanwezigheid van water in de lagere school in Entasekera werd deze verkozen tot modelschool voor het hele district. Dit betekent dat de nationale regering zelf geld gaat investeren in de school, nodig voor de ‘modernisering’ van de infrastructuur, de aankoop van schoolmateriaal en het aanwer-ven van personeel. Een neveneffect van het ‘waterproject’ is het feit dat de locale bevolking geld bij elkaar bracht om een waterleiding te leggen naar de dorpskern. Dit betekende een ware revolutie m.n. voor de vrouwen die tot dan toe dagelijks de zware last op zich moesten nemen om bij de rivier water te halen.

  Wat me bijzonder ter harte gaat is de vraag naar continue sponsoring zodat comité Afrika niet alleen spoedig het nieuw project kan financieren, maar ook een reserve kan aanleggen om te kunnen inspelen op nieuwe vragen naar steun. Bovendien houd me de vraag bezig hoe we ook mensen continu kunnen sensibiliseren voor noodsituaties in de landen van ontwikkeling die niet onmiddellijk de pers halen, maar continu kinderen slachtoffer maken.

Aangezien het waterproject voltooid is en de steun aan de Mukuyuschool opgezegd werd, is het vrij rustig in comité Afrika. Alle aandacht gaat nu uit naar het nieuw opgestart project – een klaslokaal in Emurua Olerai.- :sensibilisering, zoeken van weldoeners…

Links:





_______________________________________________________________


BASISSCHOOL EMURUA OLERAI (KENIA)

Onderwijs in Kenia is sinds 2004 in principe vrij toegankelijk voor alle kinderen en is daarmee gratis. Dat wil zeggen, er wordt geen verplichte bijdrage van ouders gevraagd. Dit lijkt mooi, maar is niet helemaal zoals het lijkt. Ouders moeten de uniformen van de kinderen betalen en heel vaak worden zij gevraagd om mee te betalen aan de salarissen van leraren. De Keniaanse overheid heeft te weinig middelen om voldoende geschoolde leraren voor de publieke scholen te betalen. Scholen zitten vaak overvol en en de kwaliteit van het onderwijs laat vaak te wensen over.. Er wordt daarom ook onderwijs aangeboden op privéscholen. De privéscholen vragen een hoge eigen bijdrage en zijn dus alleen toegankelijk voor meer welvarende mensen. Er zijn privéscholen die dagonderwijs aanbieden (dayschool), maar er zijn ook veel kostscholen waar de kinderen het hele schooljaar verblijven en alleen in de vakanties naar huis gaan (boarding school).

Publieke Secundary Schools zijn er op drie verschillende niveaus: lokaal, provinciaal en nationaal. De leerlingen die met het hoogste resultaat (standard KCPE) de Primary School verlaten, komen in aanmerking voor een nationale school. Dit zijn kostscholen met een hoog onderwijsniveau die door de overheid volledig gefinancierd worden. Ook het verblijf op de school wordt betaald. Wanneer het resultaat iets minder is, dan kan een provinciale school tot de mogelijkheid behoren. Meestal is een lokale school de enige optie.

Door de enorme afstanden is het vaak noodzakelijk om ook op school te verblijven, maar dat is maar voor weinig kinderen financieel haalbaar. Het onderwijs in Kenia is door dit systeem ‘n klassenonderwijs. Kinderen die in een gebied wonen waar weinig scholen zijn en iedere dag een lange weg af moeten leggen naar de school, lopen letterlijk een achterstand op. Bovendien hebben zij vaak geen elektriciteit thuis en moeten ze ook nog meehelpen in de dagelijkse zorg voor broers/zussen, huishouden en vee. Daardoor zijn de kansen om een hoge score te halen op school al erg klein. Aangezien arme ouders geen privéschool kunnen betalen blijven kinderen uit deze gezinnen een achterstand houden op kinderen uit welvarende gezinnen. Dit geldt zeker voor een grote groep Maasai kinderen.

Basisschool in Emurua Olerai.

Voor de kinderen van Emurua Olerai ligt de dichtst gelegen lagere school in Nkopon op een afstand van 10 km.. Toen de lagere school in Emurua Olerai werd geopend konden enkel de oudere kinderen deze afstand lopen. De kleinere kinderen, alhoewel ze de schoolleeftijd bereikt hadden, moesten wachten tot ze oud genoeg waren om deze afstand te overbruggen. Dit betekent dat kinderen van Emurua Olerai pas op latere leeftijd hun schoolloopbaan konden aanvatten.  Dit maakt het hen moeilijk… en ontmoedigt hen om verder school te lopen omdat hun klasmakkers niet hun leeftijdgenoten zijn. De bouw van een volledige lagere school werd niet als noodzakelijk beschouwd omdat na de derde klas de kinderen oud genoeg werden beschouwd om naar de lagere school in Nkopon te gaan.

Met het geld dat verzameld werd bij de inwoners en een bijkomende dotatie van de Narok County Council werden één klaslokaal en een bureel gebouwd samen met toiletten. Het klaslokaal werd voorzien van stoelen. Zand en stenen zijn nog beschikbaar voor de verdere bouw. Om de school te runnen werd een schoolcomité gevormd bestaande uit een voorzitter, een boekhouder, een

secretaris en zes toegevoegde leden. Er werd beslist één leraar tewerk te stellen die betaald werd door de ouders. In 2007 besliste de Narok County Council een tweede leerkracht te betalen en ook het salaris van de eerste leerkracht te betalen. Als gevolg van het politiek geweld in 2007 kwam het Narok County Council fonds in financiële problemen en stopte met het betalen van de leerkrachten. De ouders besloten het salaris van één leerkracht te betalen. De andere moest helaas stoppen met lesgeven.

Het huidig klaslokaal en het bureel zijn gebouwd met goedkope materialen: hout en metaalplaten. Jammer genoeg werd het hout aangevreten door termieten. Met de financiële hulp van het Sint Jozefscollege te Herentals werd een nieuw lokaal gebouwd met stenen en cement. De volgende stap in de ontwikkeling van de school was de bouw van een tweede klaslokaal. Met financiële steun van het Fonds Baron Velge , beheerd door de Koning Boudewijnstichting en vooral de financiële en materiële steun van een jong koppel (Marie en Arnaud )en enkele van hun vrienden werd het mogelijk een tweede en een derde klaslokaal te bouwen.

Voor de aankoop voor schoolmeubilair en  didactisch materiaal doen we verder graag beroep op de lezer. Storten kan op rekening: BE24 9793 2610 7638 - BIC  ARSPBE22, onder vermelding: Emurua Olerai.

 

Home Handicapped in Entasekera (Kenia)

 

Gehandicapte kinderen in Kenia die vaak door hun biologische vader werden verlaten  leiden geen benijdenswaardig bestaan. Ze worden nauwelijks verzorgd en vaak zelfs verstoten. Deze groep kinderen heeft geen rooskleurige toekomst, terwijl ze juist veel aandacht en zorg nodig hebben.

 

In heel wat gevallen doorstaan kinderen met een ontwikkelingsproblematiek onoverkomelijk leed, toegebracht door familieleden die hen discrimineren en als verstotenen behandelen. Gelijk welke handicap kan gezien worden als een vloek. Deze kinderen worden daardoor soms onmenselijk hard behandeld. In rurale gebieden worden kinderen met een beperking in vele gevallen ook verstopt zodat ze zelf niet door anderen van de gemeenschap kunnen worden veracht.

 

Gelukkig zijn er mensen die ook aan de toekomst van deze kinderen denken. Zo is er Francisca Mukinka, verpleegster van opleiding, die op zoek ging naar kinderen met een handicap in de Loitagemeenschap. Ze was de ideale persoon omdat ze er bekend was, uit dezelfde gemeenschap komt, hun taal goed spreekt, de cultuur goed begrijpt en de vereiste technische aanpak onder de knie heeft. Na het nodig onderzoek ontdekte ze dat er veel gehandicapte kinderen waren die in pijnlijke omstandigheden verborgen leefden.

 

in 1991 startte ze in het Namelok Naretoi Home voor gehandicapte kinderen in Entasekera (Kenia) een programma op om te verzekeren dat deze kinderen een juiste en professionele begeleiding kregen. Ze hebben nood aan medische aandacht, speciaal onderwijs en andere sociaal-economische ondersteuning. . In het begin stuitte Francisca op veel wantrouwen en weerstand. Daarom besloot Francisca niet alleen de ouders, maar ook de leiders van hun gemeenschap te betrekken. Nadat de eerste kinderen een behandeling kregen, zag iedereen hoe deze kinderen opbloeiden.

 

Helaas! Als gevolg van de crisis kromp de financiële hulp zodanig dat het aantal kinderen moest beperkt worden en belangrijke doelstellingen van het tehuis gevaar lopen: o.a. medische revalidatie, vervoer naar en van een ziekenhuis, aankoop levensmiddelen en kledij..

 

Ondanks de zware financiële opdoffer zet Francisca zich nog steeds met enthousiasme in voor kinderen met een handicap. Mede dank zij de steun van Fonds Baron Velge , beheerd door de Koning Boudewijnstichting, slaagden we erin enkele noodzakelijke werken uit te voeren (vernieuwen sanitair, ramen, elektriciteit…).

 

Er is nog heel wat geld nodig om de toekomst van dit tehuis en die van de kinderen te verzekeren. Wilt u helpen?! Een financiële bijdrage kan gestort worden op rekening: BE24 9793 2610 7638 - BIC  ARSPBE22, onder vermelding: Home Handicapped. Dank!

 

 

Akwaaba Asuadei (Ghana)

 

Akwaaba Asuadei: Welkom in Asuadei!

Het begon allemaal in november 2010 met 6 maanden vrijwilligerswerk in de Willy-Taylor Academy, een schooltje dat slechts 3 weken open was en een 30-tal leerlingen telde. Onmiddellijk viel op dat Emelia Boateng, de directrice en haar man Nana Kankam het hart op de juiste plaats hadden en toen al besloot ik dit project verder te ondersteunen en mee uit te bouwen. De bedoeling was heel eenvoudig: zoveel mogelijk kinderen een kans geven op voortreffelijk onderwijs. Onze kinderen betalen dagelijks een zeer kleine schoolbijdrage waarvoor ze in ruil een maaltijd en busvervoer krijgen. De kinderen krijgen degelijk en betaalbaar onderwijs, maar ze moeten er dus ook iets voor doen en zonder bijdrage kan de school gewoon niet draaien. Ondertussen zijn we drie jaar verder en is de school blijven groeien. Recentelijk zij Kim Van Genechten en Ree Symoens bij het project betrokken nadat ze zelf mee naar Ghana was gereisd. Met trots kunnen we zeggen dat we de school konden voorzien van een waterput. Dit is zeker een van de grootste en belangrijkste verwe-zenlijkingen van Akwaaba Asuadei. Daarnaast zijn er ook een vrijwilligershuisje en zes nieuwe klassen bijgekomen en beschikken we nu over twee schoolbussen. Op dit moment werken we ook aan de bouw van twee slaapzalen en een sanitaire blok. In de (verre)

toekomst is het de bedoeling dat de school kan functioneren zonder externe hulp. Daarom investeren we ook in een plantage, beheerd door Nana, waar cacaobonen, groenten en fruit worden geteeld. Daarnaast biedt de waterput ons ook de mogelijkheid om waterzakjes met drinkbaar water te vullen en te verkopen. De bereidwilligheid om er zelf ook voor te werken is zeker en vast aanwezig en gelukkig kan Emelia rekenen op een geëngageerd lerarenkorps dat geduld kan opbrengen als de lonen later uitbetaald worden, en zelfs na de schooluren komt helpen. Wij zijn enorm trots op onze medewerkers in Asuadei, op Emelia en haar familie. Kortom zijn we enorm trots op alles en iedereen die meewerkt aan ons project. Meer informatie kan u steeds vinden op onze website www.akwaaba-asuadei.eu of op onze facebookpagina www.facebook.com/akwaaba.asuadei. Wij zijn ook steeds bereikbaar per email op akwaaba.asuadei@gmail.com.

Een gift is steeds welkom om rekening: BE35 9793 2610 7537 - BIC ARSPBE22, onder vermelding Akwaaba. Dank bij voorbaat.